Personen die tijdens een demonstratie strafbare feiten plegen, kunnen daarvoor een straf opgelegd krijgen. Het Nederlandse strafrecht kent drie hoofdstraffen: de geldstraf (boete), de taakstraf en de celstraf (hechtenis of gevangenisstraf). Het hangt af van hoe ernstig het strafbare feit is, van de situatie waarin deze is gepleegd en van de persoonlijke omstandigheden van de verdachte welke straf de rechter oplegt. Ook het demonstratierecht speelt daarbij een rol.