Wanneer kan een demonstratie worden beperkt? De regels die bij een demonstratie kunnen worden gesteld

Mag de politie demonstranten filmen of fotograferen?

De politie mag personen filmen met een bodycam op plaatsen die voor het publiek toegankelijk zijn. Het filmen is dan een uitvoering van de algemene politietaak (artikel 3 Politiewet) en een vorm van ‘niet-stelselmatige observatie’, waarmee wordt bedoeld dat de politie niet gericht bepaalde personen filmt om hen in de gaten te houden. De politie moet de bodycam altijd openlijk en duidelijk zichtbaar dragen.

Tijdens een demonstratie mag de overheid niet gebruikmaken van surveillancetechnologie met het doel om mensen die deelnemen aan demonstraties te monitoren. 

Denk aan video-opnamen, gezichtsherkenning, online monitoring van sociale media en locatie-tracking om de aanwezigheid bij een demonstratie vast te stellen. Zulke middelen mogen alleen worden ingezet wanneer dit strikt noodzakelijk is voor de nationale veiligheid of de openbare orde. En dus niet om vreedzame demonstranten zonder verdenking te kunnen tracken. 

Het fotograferen of maken van video’s door de politie tijdens een demonstratie kan mensen ontmoedigen om te gaan demonstreren. We noemen dit een chilling effect. De overheid moet proberen dit te voorkomen.

Fotograferen of maken van video’s bij demonstraties is toegestaan als dit noodzakelijk is, bijvoorbeeld om wanordelijkheden tegen te gaan of om demonstranten die strafbare dingen doen op te kunnen sporen. Het (permanent of systematisch) bewaren van beeldmateriaal van demonstraties kan leiden tot schendingen van het recht op privacy.

Zoek naar vragen, artikelen en rechtspraak: