Rechtspraak over demonstratierecht
Instantie
Rechtbank Limburg
Soort zaak
eerste aanleg
Rechtsgebied
Bestuursrechtelijk
Procespartijen
Eisers (Klimaatcoalitie Parkstad en Klimaatcrisis Coalitie) tegen de burgemeester van Heerlen
ECLI
ECLI:NL:RBLIM:2023:5240
Lees de volledige rechtspraak
5 september 2023

Ten onrechte beperkingen opgelegd bij demonstratie "Klimaatalarm 2021" tijdens Covid-19

Het oordeel in het kort

De burgemeester van Heerlen mocht het maximaal aantal deelnemers vanwege de Coronapandemie beperken, maar mocht de organisatie van de demonstratie niet verplichten om mensen weg te sturen. Ook mocht de burgemeester niet van tevoren vragen naar de sprekers, of de organisatie verplichten om het verkeer niet te hinderen tijdens de demonstratie.

Wat zijn de feiten?

Eisers hebben een demonstratie (“Klimaatalarm 2021”) aangemeld bij de burgemeester van Heerlen, die op 14 maart 2021 plaats zou vinden. Vanwege de Covid-19-pandemie en de op dat moment geldende maatregelen was voor een lokaal protest gekozen, in plaats van een landelijk protest in Den Haag.

De burgemeester van Heerlen heeft daarop in totaal 23 beperkingen opgelegd aan de demonstratie. Met een aantal van deze beperkingen zijn eisers het niet eens. Zo mochten er maximaal 200 deelnemers zijn, moesten de namen van de sprekers van tevoren worden doorgegeven, mocht er geen (live)muziek of vuurwerk zijn en mocht het verkeer niet worden gehinderd. Volgens eisers zien deze beperkingen op de inhoud van de demonstratie of zijn ze niet noodzakelijk.

De centrale vraag van deze rechtszaak:

Waren de beperkingen die de burgemeester heeft opgelegd aan de demonstratie toegestaan?

Wat oordeelt de rechter?

De rechter oordeelt dat sommige van de beperkingen die door de burgemeester zijn opgelegd niet zijn toegestaan.

Het verbod op muziek en optredens was volgens de rechter wel terecht opgelegd, gelet op de geldende coronamaatregelen (waaronder het verbod tot het houden van evenementen) en de bescherming van de gezondheid. Ook mocht de burgemeester het maximaal aantal deelnemers aan de demonstratie gelet op het coronavirus beperken.

De burgemeester mocht de organisatie niet verplichten om mensen weg te sturen zodra er meer mensen zouden komen dan toegestaan. De organisatie van de demonstratie heeft namelijk geen bevoegdheid op basis waarvan zij die mensen kan wegsturen van het openbare plein. Het is aan de burgemeester om de demonstratie te faciliteren en te zorgen dat er genoeg politie is om het maximum aantal deelnemers te waarborgen.

Daarnaast mocht de burgemeester de beperking dat de namen van de sprekers van tevoren door moesten worden gegeven niet opleggen. De persoon (naam) van de spreker en diens boodschap zijn met elkaar verbonden. Door het doorgeven van de namen van de sprekers te verlangen laat de burgemeester zich in met de inhoud van de demonstratie. Dit is verboden volgens de wet (artikel 5 lid 3 Wom).

De beperking dat het verkeer niet mocht worden gehinderd had de burgemeester ook niet aan de demonstratie mogen opleggen. Bij een demonstratie moet een zekere mate van verkeershinder worden geaccepteerd en moet de overheid ervoor zorgen dat het verkeer in goede banen wordt geleid. De burgemeester had duidelijker moeten motiveren wat met 'niet hinderen' werd bedoeld.

De rechter vernietigt het besluit van de burgemeester voor zover de beperkingen niet zijn toegestaan.

Wat leert deze uitspraak ons?

Beperkingen die de burgemeester aan een demonstratie oplegt mogen niet zien op de inhoud van de demonstratie, moeten noodzakelijk zijn en goed worden gemotiveerd. Is dit niet het geval, dan kan het besluit van de burgemeester (deels) worden vernietigd door de rechter.

Rechtspraak

Meer recente uitspraken