Rechtspraak over demonstratierecht
Instantie
Rechtbank Den Haag
Soort zaak
kort geding
Rechtsgebied
Civielrechtelijk
Procespartijen
Eisers (actievoerders Extinction Rebellion) tegen de Nederlandse Staat en de Gemeente Den Haag
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2023:15385
Lees de volledige rechtspraak
13 oktober 2023

Inzet waterwerper bij blokkade A12 door Extinction Rebellion toegestaan

Het oordeel in het kort

De burgemeester van de gemeente Den Haag mag zelf blijven beslissen over de inzet van de waterwerper bij toekomstige demonstraties van Extinction Rebellion (XR) waarbij de Utrechtsebaan/A12 wordt geblokkeerd. De burgemeester mag de waterwerper inzetten als onderdeel van het politieoptreden dat erop is gericht om de snelweg vrij te maken. Er zijn wel grenzen aan die bevoegdheid.

Wat zijn de feiten?

Extinction Rebellion (XR) blokkeert de openbare weg in Den Haag (de Utrechtsebaan/A12), vlakbij het ministerie van Economische Zaken en Klimaat en de Tweede Kamer. De burgemeester heeft de protesten beperkt door een andere locatie dan de snelweg aan te wijzen. Demonstranten van XR volgen deze beperkingen niet op. Om de A12 vrij te maken maakt de politie bij een aantal demonstraties gebruik van de waterwerper, na meerdere keren te hebben gevorderd dat demonstranten moesten vertrekken. XR vordert in kort geding (een spoedzaak) dat de rechter de inzet van de waterwerper door de burgemeester beperkt of verbiedt.

De centrale vraag van deze rechtszaak:

Is de inzet van een waterwerper toegestaan om ervoor te zorgen dat demonstranten vertrekken?

Wat oordeelt de rechter?

De rechter oordeelt dat de inzet van een waterwerper in dit geval is toegestaan om ervoor te zorgen dat de demonstranten vertrekken van de snelweg. De rechter kan niet te snel de bevoegdheden van de burgemeester beperken. Dat kan alleen als vaststaat dat het gebruik van een waterwerper in de toekomst onrechtmatig zal zijn.

Het gebruik van de waterwerper moet voldoen aan de eisen van subsidiariteit en proportionaliteit en redelijkheid en gematigdheid. Het gebruik van de waterwerper heeft als doel demonstranten te bewegen om te vertrekken, om zo de openbare orde te handhaven. Het gaat daarbij om het verwijderen van demonstranten van een locatie die de burgemeester verboden heeft, waarmee de demonstranten dus strafbaar handelen.

De inzet van een waterwerper als politieoptreden wordt in deze zaak als lichtste middel gezien om demonstranten zover te krijgen om te vertrekken, nadat verschillende waarschuwingen zijn afgegeven. Alternatieve middelen, zoals charges van de ME, eventueel met inzet van paarden, honden of traangas, zijn te zwaar. De inzet van een waterwerper schrikt mensen daarnaast af om op de A12 te blijven demonstreren en te worden aangehouden. Dit afschrikwekkende effect zou niet bestaan zonder de inzet van een waterwerper. Het zorgt ervoor dat mensen daadwerkelijk vertrekken van de A12. Ook heeft de burgemeester uitdrukkelijk gezegd alleen een milde straal te gebruiken.

In deze zaak staat ook ter discussie dat het gebruik van een waterwerper één keer is gericht op demonstranten, waarbij een te harde straal werd gebruikt. Dat was volgens de rechter niet proportioneel. Omdat dit maar één keer is gebeurd, is er volgens de rechter geen aanleiding om te bepalen dat er voor de toekomst beperkingen moeten worden opgelegd aan de bevoegdheden van de burgemeester.

Wat leert deze uitspraak ons?

De inzet van een waterwerper is niet in strijd met het recht om te demonstreren, zolang de inzet ervan past bij het doel waarvoor de waterwerper wordt ingezet en noodzakelijk, redelijk en gematigd is. Hierbij kan de rechter niet te snel de bevoegdheden van de burgemeester beperken. Dat kan alleen als vaststaat dat het gebruik van een waterwerper in de toekomst onrechtmatig zal zijn.

Rechtspraak

Meer recente uitspraken