Rechtspraak over demonstratierecht
Instantie
Hoge Raad
Soort zaak
cassatie
Rechtsgebied
Strafrechtelijk
Procespartijen
Verdachte (actievoerder tegen gedwongen uitzetting vreemdeling naar Soedan)
ECLI
ECLI:NL:HR:2023:1743
Lees de volledige rechtspraak
19 december 2023

Verwijdering demonstranten door Koninklijke Marechaussee bij demonstratie in vliegtuig proportioneel

Het oordeel in het kort

Demonstranten - die opkomen tegen een gedwongen uitzetting - volgen aan boord van een vliegtuig de aan aanwijzing van de Koninklijke Marechaussee niet op en worden aangehouden en verwijderd. De rechter oordeelt dat de aanhouding en verwijdering noodzakelijk en gerechtvaardigd is in het belang van de veiligheid aan boord van het vliegtuig.

Wat zijn de feiten?

Op 5 januari op Schiphol heeft verdachte de aanwijzingen van de Koninklijke Marechaussee niet opgevolgd. Op dat moment was de Koninklijke Marechaussee bezig met het begeleiden van een vreemdeling die gedwongen werd uitgezet naar Soedan. Drie demonstranten, waaronder verdachte, blokkeerden het gangpad in het vliegtuig. Zij riepen andere passagiers op om zich ook te verzetten tegen de uitzetting. De Koninklijke Marechaussee heeft de demonstranten 3 keer bevolen te gaan zitten op hun stoel. De demonstranten hebben dit 3 keer geweigerd. Na de 3 weigeringen zijn de drie vrouwen aangehouden en verwijderd uit het vliegtuig.


De Koninklijke Marechaussee was in deze situatie bevoegd aanwijzingen te geven aan de demonstranten, omdat ambtenaren van de Koninklijke Marechaussee aanwijzingen mogen geven op het gebied van grensbewaking (artikel 46 lid 2 onder b en artikel 4.6 Vreemdelingenwet 2000).

De centrale vraag van deze rechtszaak:

Heeft de Koninklijke Marechaussee een inbreuk gemaakt op het demonstratierecht en het recht op vrijheid van meningsuiting (artikel 10-11 EVRM) van de verdachte?

Wat oordeelt de rechter?

De rechter oordeelt dat er geen inbreuk is gemaakt op het demonstratierecht en het recht op vrijheid van meningsuiting van de verdachte. Met het geven van de aanwijzingen werd verdachte niet beperkt in haar rechten: zij kon ook zittend haar mening uiten en demonstreren tegen de gedwongen uitzetting. De aanhouding en fysieke verwijdering uit het vliegtuig maken wel een inbreuk op de rechten van verdachte, maar waren volgens de rechter noodzakelijk in deze situatie, en in het belang van de openbare veiligheid en het voorkomen van strafbare feiten. De verdachte belemmerde het vertrek van het vliegtuig en verstoorde de rechtmatige uitoefening van het werk van de ambtenaren van de Koninklijke Marechaussee. Het niet opvolgen van de aanwijzingen ziet de rechter als af te keuren en te verwijten gedrag (laakbaar gedrag), waartegen kan worden opgetreden.

De verdachte krijgt een voorwaardelijke geldboete van 300 euro opgelegd. Daarbij betrekt de rechter dat de verdachte met haar handelen bedoelde bij te dragen aan een maatschappelijk debat en dat het karakter van de demonstratie op zichzelf vreedzaam en beperkt van opzet was. De straf is niet zo ingrijpend dat daarvan een chilling effect uitgaat dat personen hun demonstratierecht niet meer durven uit te oefenen.

Wat leert deze uitspraak ons?

Het niet opvolgen van aanwijzingen van de Koninklijke Marechaussee tijdens een demonstratie kan worden gezien als laakbaar gedrag waartegen strafrechtelijk kan worden opgetreden. De beperking die daaruit voortvloeit - de uitzetting uit een vliegtuig - vormt dan een gerechtvaardigde en noodzakelijke beperking van het demonstratierecht en het recht op vrijheid van meningsuiting.

Rechtspraak

Meer recente uitspraken