Wanneer kan een demonstratie worden beperkt? De regels die bij een demonstratie kunnen worden gesteld

Welke beperkingsmogelijkheden heeft de officier van justitie (het Openbaar Ministerie) tijdens een demonstratie?

De officier van justitie (het Openbaar Ministerie) richt zich op personen die strafbare dingen doen of zeggen tijdens een demonstratie. De officier van justitie kan dus geen regels aan de hele demonstratie opleggen. Dat kan alleen de burgemeester doen.

Omdat het bij een demonstratie gaat om de uitoefening van een grondrecht, is het uitgangspunt dat de officier van justitie heel terughoudend moet zijn met strafrechtelijk optreden tegen vreedzame demonstranten. Dit betekent dat de officier van justitie niet snel moet ingrijpen, en al helemaal niet als een demonstrant niets ernstigs heeft gedaan. Een hoge rechter (het Europees Hof voor de Rechten van de Mens) benadrukt dit in zijn rechtspraak.

Meestal treedt de officier van justitie alleen op tijdens of na afloop van de demonstratie, nadat demonstranten iets strafbaars hebben gedaan of gezegd. 

Bijvoorbeeld door een demonstrant tijdens de demonstratie of na afloop aan te laten houden door de politie en strafrechtelijk te vervolgen. De officier van justitie kan voor een aantal veel voorkomende strafbare feiten in een strafbeschikking een geldboete, taakstraf of schadevergoeding opleggen, zonder de zaak voor de strafrechter te brengen. Ook gebeurt het dat de officier van justitie de zaak wel voor de strafrechter brengt, die vervolgens over de zaak oordeelt.

Soms legt de officier van justitie een gedragsaanwijzing op aan een demonstrant, dit is geregeld in artikel 509hh van het Wetboek van Strafvordering.

Kort gezegd moet het dan gaan om een demonstrant die ervan wordt verdacht eerder iets strafbaars te hebben gedaan waardoor de openbare orde ernstig is verstoord, en er moet grote angst zijn dat die demonstrant opnieuw iets soortgelijks zal doen. De gedragsaanwijzing kan bijvoorbeeld inhouden dat de demonstrant een bepaalde tijd niet in een bepaald gebied (bijvoorbeeld op een specifieke snelweg) van de gemeente mag komen.

Een gedragsaanwijzing moet voldoen aan meerdere vereisten die staan opgesomd in de wet (artikel 509hh van het Wetboek van Strafvordering). Een ervan is dat de gedragsaanwijzing proportioneel moet zijn. Dat wil zeggen dat zij niet verder gaat (in duur en omvang) dan strikt noodzakelijk

De demonstratiewet (Wet openbare manifestaties) is de specifieke wet die ziet op het reguleren van demonstraties. De gedragsaanwijzing van de officier van justitie mag daarom niet worden gebruikt om een demonstratie als geheel te reguleren. Dit ligt anders als een gedragsaanwijzing alleen ziet op het reguleren van het gedrag van één of enkele demonstranten.

Zoek naar vragen, artikelen en rechtspraak: