Wanneer overtreden demonstranten de wet? Strafbare feiten, schade veroorzaken en de gevolgen daarvan
Personen die tijdens een demonstratie strafbare feiten plegen, kunnen daarvoor een straf opgelegd krijgen. Het Nederlandse strafrecht kent drie hoofdstraffen: de geldstraf (boete), de taakstraf en de celstraf (hechtenis of gevangenisstraf). Het hangt af van hoe ernstig het strafbare feit is, van de situatie waarin deze is gepleegd en van de persoonlijke omstandigheden van de verdachte welke straf de rechter oplegt. Ook het demonstratierecht speelt daarbij een rol.
Strafrechtelijk ingrijpen mag namelijk niet zo ingrijpend zijn dat het mensen ontmoedigt om van hun demonstratierecht gebruik te maken.
Dan heeft de straf een chilling effect. Een gevangenisstraf is bijvoorbeeld bijna altijd een te ingrijpende straf.
De rechter kan naast of in plaats van een straf ook een maatregel opleggen die de vrijheid van de verdachte beperkt. Denk aan een gebiedsverbod (de verdachte mag zich niet bevinden in een bepaald gebied) of een contactverbod (de verdachte mag geen contact zoeken met bepaalde personen). Zulke maatregelen kunnen voor een bepaalde periode worden opgelegd.
Het artikel De strafrechtelijke grenzen van het demonstratierecht.
Hoofdstuk 5 getiteld Strafbaarheid van gedragingen van demonstranten van het onderzoeksrapport Antwoorden op recente demonstratierechtelijke en verdragsrechtelijke vraagstukken.
Een initiatief van de Rijksuniversiteit Groningen | Website door Liesbeth Smit, The Online Scientist | Disclaimer & privacy